Identificatie Organisatie Profiel Belgische onderwijsorganisatie in Antwerpen Referentienummer act-0000653 Achternaam / organisatienaam Hoger Architectuurinstituut Henry van de Velde (SBS/NHIBS/HAIR) Geboortedatum / datum van oprichting 1946 Alternatieve naam School voor Bouwkunst en Stedebouw (1946-1952) Nationaal Hoger Instituut voor Bouwkunst en Stedebouw (NHIBS) (1952-1977) NHIBS (afkorting) Hoger Architectuurinstituut van het Rijk (HAIR) (1977-1991) HAIR (afkorting) Hoger Architectuurinstituut Henry van de Velde (1991-1995) Hoger Instituut Architectuurwetenschappen Henry van de Velde (1995-2000) (binnen de Hogeschool Antwerpen) Henry van de Velde Architectuurwetenschappen (2000- 2013) (binnen het Departement Ontwerpwetenschappen aan de Artesis Hogeschool) Nationaliteit Belgisch Biografie / organisatiegeschiedenis De School voor Bouwkunst en Stedenbouw (SBS) ontstond uit de verzelfstandiging van de architectuurafdeling van de Academie en het Hoger Instituut voor Schone Kunsten in Antwerpen. Beide scholen bleven hierna wel voortbestaan als kunstschool. Naar aanleiding van de wettelijke bescherming van het architectuurdiploma (1936) en van de titel en het beroep van architect (1939) werd eind jaren dertig een nieuw programma voor de architectuuropleiding uitgewerkt. De invoering van dit programma en de uitbreiding van het professorenkorps met onder meer Léon Stynen, Paul Smekens, Jan de Braey en Henri Wittocx luidde vanaf het academiejaar 1939-1940 een vernieuwingsperiode in. Onder impuls van Léon Stynen werd de architectuuropleiding uiteindelijk in 1946 losgekoppeld van de kunstopleidingen. Stynen overtuigde minister van Openbaar Onderwijs Camille Huysmans van de noodzaak van een autonome architectuurschool met een eigen beleid. Als eerste directeur (1946-1950) reorganiseerde hij het onderwijs, met meer aandacht voor moderne architectuur, constructieve vakken en wetenschappelijke vorming. Nieuwe docenten werden aangetrokken om deze hervormingen te ondersteunen. De nieuwe school werd aanvankelijk ondergebracht in het hoger middelbaar onderwijs en werd in 1949 bevorderd tot het hoger onderwijs. Datzelfde jaar werden de hogere opleidingen hervormd van een zevenjarige middelbare afdeling naar een vijfjarige opleiding na de humaniorastudies. De School voor Bouwkunst en Stedenbouw bood toen vier studierichtingen aan: architectuur, stedenbouw, binnenhuiskunst en bouwkundig tekenen. In 1952 werd de school omgevormd tot het Nationaal Hoger Instituut voor Bouwkunst en Stedenbouw (NHIBS), door samenvoeging met het Hoger Instituut voor Stedenbouw. Het NHIBS organiseerde voltijdse opleidingen architectuur en binnenhuiskunst van vijf studiejaren, evenals een driejarige opleiding stedenbouw met beperkt leerplan. Na het vertrek van Léon Stynen in 1950 kende het NHIBS een moeilijke periode. De school had te kampen met een gebrek aan duidelijke visie en trok weinig nieuwe docenten of vooraanstaande architecten aan. Jan Lauwers, bestuurder van 1951 tot 1961, werd opgevolgd door Renaat Braem, die tot 1964 waarnemend directeur was. Een nieuwe bloeiperiode begon onder directeur Frans De Groodt (1965-1977). Hij moderniseerde het programma, met bijzondere aandacht voor constructief-technische vakken, en trok nieuwe docenten aan, waaronder Georges Baines en Paul Schellekens. In 1967 werd onder zijn leiding de afdeling Productontwikkeling opgericht door Jean-Jacques Stiefenhofer. Deze afdeling werd later verder uitgebouwd door Vic Goyvaerts, Philippe Neerman en Paul Verhaert. Het NHIBS nam met deze afdeling deel aan de biënnale INTERIEUR 84. Als voorzitter van de Commissie van Advies voor het Onderwijs in de Bouwkunst speelde De Groodt ook een belangrijke rol in de hervormingsdebatten vanaf het einde van de jaren zestig. Hij verdedigde, samen met de Orde van Architecten en andere actoren, de opname van het architectuuronderwijs in het universitair onderwijs. Dit voorstel werd uiteindelijk niet gevolgd. Het Koninklijk Besluit van 18 februari 1977 klasseerde het architectuuronderwijs onder het Artistiek Hoger Onderwijs van het lange type, voortaan onder de bevoegdheid van het Ministerie van Nationale Opvoeding. Vanaf 1977 moesten alle door de overheid erkende instellingen voor hoger architectuuronderwijs de benaming Hoger Architectuurinstituut dragen. Het NHIBS werd daardoor het Hoger Architectuurinstituut van het Rijk (HAIR). Deze naamswijziging bracht geen ingrijpende veranderingen in de inhoud van de opleidingen met zich mee. Wel werd in 1979 de opleiding binnenhuisarchitectuur ondergebracht in het hoger kunstonderwijs van de tweede graad. Zowel architectuur als binnenhuisarchitectuur werden voortaan georganiseerd in twee cycli. Voor binnenhuisarchitectuur bleef de totale studieduur vier jaar, verdeeld over twee cycli van telkens twee jaar. Na de overheveling van het hoger onderwijs naar de gemeenschappen verdween in 1991 het suffix “van het Rijk”. Het HAIR werd voortaan het Henry van de Velde-Instituut. In 1991 werd voor de opleiding interieurarchitectuur het vierjarige model bevestigd, en in 1995 werd het Henry van de Velde-Instituut opgenomen in de Vlaamse Autonome Hogeschool Antwerpen (VAHO). Deze fusie maakte deel uit van een grootschalige fusieoperatie waarbij zeventien instellingen werden samengevoegd onder de koepel van de Hogeschool Antwerpen. Deze integratie ging gepaard met een grondige herziening van het curriculum. Tussen 1996 en 2000 vormde het Henry Van de het een zelfstandig departement binnen de hogeschool. Binnen een nieuwe structuur uitgetekend in 2000, waarbij de bestaande 11 departementen werden herleid tot 7 departementen, verloor het Hoger Instituut Henry Van de Velde het statuut van zelfstandig departement. Vanaf dan vormde het als afdeling Architectuurwetenschappen samen met de afdeling Productontwikkeling het Departement Ontwerpwetenschappen. In 2013 werd interieurarchitectuur een volwaardige universitaire opleiding binnen de Faculteit Ontwerpwetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Sindsdien bestaat de opleiding uit een driejarige academische bachelor en een eenjarige academische master. Naast interieurarchitectuur biedt de faculteit opleidingen aan in architectuur, stedenbouw en ruimtelijke planning, monumenten- en landschapszorg, productontwikkeling en conservatie-restauratie. Inhoudelijk gerelateerde archieven Archief van Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Antwerpen, bewaard door Stadsarchief Antwerpen - FelixArchiefArchief van het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenonderwijs, Kwalificaties en Studietoelagen, bewaard door Departement Onderwijs en Vorming Bronnen en literatuur https://www.uantwerpen.be/nl/overuantwerpen/faculteiten/ontwerpwetenschappen/organisatie/geschiedenis/ (laatst geraadpleegd op 21/05/2025). Stedebouwkunde & ruimtelijke planning : afdelingsgids. Antwerpen: HAIR Hoger Architectuur Instituut van het Rijk. 50 jaar interieurarchitectuur Antwerpen, Hogeschool Antwerpen. Henry van de Velde-Instituut. Departement architectuur, Antwerpen, 1996, 57 p. Bronnengids architectuuronderwijs Vlaanderen, VAi/CVAa, Antwerpen, 2012. Ceulemans, Marc, Architektuuronderwijs: een afgang ?, verhandeling, NHIBS, 1972. Clijmans, Frederik E., Wappers, Jacques, De Antwerpsche Academie, Antwerpen, 1941, 46 p. de Groodt, Frans, Failliet van het architectuuronderwijs ? Lezing gehouden ter gelegenheid van de opening van het academiejaar 1972-1973 van het Provinciaal Hoger Instituut voor Architectuur te Hasselt op 12 oktober 1972, NHIBS, Antwerpen, 1972, 20 p. Ecole Nationale Supérieure des Arts Décoratifs de Paris. Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Antwerpen / Nationaal Hoger Instituut voor Schone Kunsten. Nationaal Hoger Instituut voor Bouwkunst en Stedebouw. Ecole Nationale Supérieure des Arts Décoratifs de Paris (Antwerpen : 23 maart – 13 april 1964), Antwerpen, 1964. Jaenen, Marieke, De evolutie van het architectuuronderwijs in Antwerpen tussen 1919 en 1977, onuitgegeven studie, Departement Ontwerpwetenschappen Artesis Hogeschool Antwerpen, 2009, 130p. Laporte, Dirk, Historiek van de interieurarchitectuur, www.udb.org, 1996, 4 p. Laureys, Dirk, Bouwen in beeld. De collectie van het Architectuurarchief van de Provincie Antwerpen, Brepols, Antwerpen, 2004. Lombaerde, Piet et al., Fundament. Architekten en hun visie, Henry Van de Velde Instituut, Antwerpen, 1993, 108 p. Ministerie van Onderwijs: Driejaarlijks verslag 1945-1947; Driejaarlijks verslag 1951-1953. Nagels, Diederik, Architektuuronderwijs?, verhandeling, NHIBS, 1980, 63 p. Neuckermans Herman, Verpoest Luc, ‘Architectuuronderwijs’, in: Van Loo Anne (red.), Repertorium van de architectuur in België van 1830 tot heden, Mercatorfonds, Antwerpen, 2003, pp. 530-533. Van Looij, L. Theo, Een Eeuw Nationaal Hoger Instituut voor Schone Kunsten te Antwerpen, 1885/1985, Nationaal Hoger Instituut voor Schone Kunsten, Antwerpen, 1985, 155 p. Hendrik Van Geel, ‘De Opleiding Stedenbouw en Ruimtelijke Planning (1946-2013). Van een professionele naar een academische opleiding’, in Van Academie tot Universiteit - 350 jaar Architectuur in Antwerpen. Brussel: University Press Antwerp, 2013, p. 166-177. Bucquoye, Moniek E. Interieur 84 : 9de Internationale Biënnale Voor Wooncreativiteit. Kortrijk: Stichting Interieur, 1984. Dirk B. Jacobs, 'Ontwerpen in Vlaanderen (van 1960 tot nu), in Kwintessensn nr. 3, 1997. Vandevoort, Benoît, Sam Vanhee, Fredie Floré, Els De Vos, en Tine Poot, eds. Bronnengids Interieurontwerp België 1945–2000. Leuven: Leuven University Press/Vlaams Architectuurinstituut, 2025. Vanhee, Sam. Positioning Interior Design: Interdisciplinary Relations in Official Subsidised Interior Design Education in Belgium, 1940s–1990s. PhD diss., Universiteit Antwerpen, Faculteit Ontwerpwetenschappen, 2025. Referenties in andere databanken ODIS http://www.odis.be/lnk/OR_37750 Gecontroleerde trefwoorden Beroepen of funties Onderwijsorganisatie Disciplines Architectuur Stedenbouwkunde Productonwikkeling Gemeentes Antwerpen (België > Vlaanderen > Provincie Antwerpen > Arrondissement Antwerpen > Antwerpen) Antwerpen (België > Vlaanderen > Provincie Antwerpen > Arrondissement Antwerpen > Antwerpen)